In 2004 verscheen het boek “Blue Ocean Strategy’ van W. Chan Kim and Renée Mauborgne. Zij beschreven hoe bedrijven door de fundamenten van hun branche ter discussie te stellen, ‘blauwe oceanen’ konden creëren. Nieuwe marktplaatsen nagenoeg vrij van concurrentie. Een bekend voorbeeld is bijvoorbeeld ‘Cirque du Soleil’ die het uitgangsprincipe ‘uitje voor gezin met kinderen’ in de circusbranche verving of in ieder geval aanvulde met het principe ‘zakelijk relatie-event’.
Dat was voor velen al een hele gewaarwording, maar nu doet Jeff Jarvis daar met zijn boek: What would Google do? Nog een schepje bovenop. Want wat betoogt Jarvis? Daar de manier waarop Google naar de wereld kijkt, realiseert zij voor zichzelf niet een ‘blauwe oceaan’ van business mogelijkheden, maar een geheel nieuwe planet of misschien zelfs wel een nieuw melkwegstelsel aan kansen.
Volgens Jarvis opereert Google niet binnen een bestaand economisch model, maar heeft zij een nieuw, eigen model ontwikkelt. De moderne variant op de geldpers in eigen beheer zou je kunnen zeggen. Google geeft mensen ‘instant’ toegang tot kennis. Snelheid is daarbij alles. Zie hoe bij de zoekresultaten met gepaste trots (0,15 seconden) wordt aangegeven hoe lang het duurde voordat de duizenden resultaten gepresenteerd werden. Door een uiterst geavanceerd systeem worden miljarden website geïndexeerd op zoekwoorden, relevantie, bezoekfrequentie, etc. Niet door mensen van Google, maar op basis van het surfgedrag van een ieder die Google gebruikt. Power to the masses. Gescheiden van de zoekresultaten die op deze manier gegenereerd worden, biedt zij de mogelijkheid om op een veiling zoekwoorden per opbod te ‘kopen’. Elke eigenaar van welke website dan ook, kan specifieke Google advertenties op zijn website laten tonen. Uiteraard staat Google daarbij een deel van de opbrengsten af aan de eigenaar van de desbetreffende website.
Wat Google hiermee in feite doet, aldus Jarvis, is het niet lineair waarde toevoegen aan grondstoffen en/of diensten, maar het bouwen van platformen die anderen vooruit helpen. Het ordent en exploiteert de wijsheid van het collectief. Hoe meer we klikken, naar elkaar verwijzen, Google tools op onze websites plaatsen, etc. hoe slimmer Google wordt en hoe meer we het gebruiken, waardoor we weer meer klikken……You will get the point by now.
Jarvis identificeert een aantal nieuwe spelregels van wat hij noemt een nieuw tijdperk die deze ontwikkelingen mogelijk maken of in ieder geval aanjagen:
- Do what you do best and link to the rest;
- Join a network and be a platform
- If you’re not searchable, you won’t be found
- Life is public, so is business
- Small is the new Big
- Middleman are doomed
- Simplify, simplify
Aan de hand van deze spelregels ontleedt hij een aantal branches. Hier begint het ook wat te wringen wat mij betreft. Hoe waar ook veel van de geschetste ontwikkelingen zullen zijn; het heeft een dergelijke impact dat het kan leiden tot complete verlamming. “Wat moet ik nu?”, zal volgens mij menig ‘beslisser’ zich in vertwijfeling afvragen na lezing van het boek. Jarvis weet op fantastische wijze het succes van Google en de Google-economie en misschien wel toekomstige Google-maatschappij te ontrafelen. Alleen de praktische vertaling naar de dagelijkse praktijk is er nauwelijks. Net zoals de auteur wat makkelijk voorbij gaat aan de fenomenale machtspositie die Google aan het opbouwen is. Wat betekent deze massale verzameling van ons zoekgedrag voor onze privacy? Moeten we Google op haar woord geloven als ze ons beloofd geen ‘Evil’ te zullen doen? Of is enige scepsis op zijn plaats? Daar horen we Jarvis in ieder geval niet over. Desalniettemin is het een zeer aanbevelingswaardig boek en wat mij betreft verplichte kost voor elk management team.
Share this Post[?]





{ 2 comments… read them below or add one }
Heb het boek gelezen. Ik vraag me inderdaad ook af wat de risico’s zijn van de enorme hoeveelheid data waar google de beschikking over heeft. En ik heb het er met een aantal medestudenten wel eens over gehad, what if Google goes Evil. Of wat als iemand binnen google verkeerde bedoelingen heeft. Waarop ze vaak reageren: ‘Dat doet Google niet, ik geloof wel in Google”. Ik ook wel, maar het is denk ik niet wel goed, net wat je zegt, om je eens af te vragen: ‘What if..?’ Misschien moet iemand daar gewoon een ander boek over schrijven, want het zou het boek wel enorm veranderen.
Verder raad ik ook iedereen aan WWGD? te lezen (toen ik dit via twitter deed kreeg ik direct een reactie: “Ik ga het boek nu bestellen!”) Echt een must wat mij betreft.
oops, foutje. In plaats van ‘maar het is denk ik niet wel goed,’ moet het natuurlijk zijn: ‘maar het is denk ik wel goed’
Rick van Erp
@vanerp