Mini-recensie "Here comes everybody" Clay Shirky

by Menno on September 21, 2009

images

In 2006 schreven Don Tapscott en Anthony Williams in hun boek Wikinomics over de kracht en macht van de massa. Ze vertelden het onderhand bekende verhaal van het mijnbouwbedrijf Goldcorp in Toronto, Canada.Ondanks de inzet van tientallen geologen, jaren van onderzoek en de investering van $ 10 miljoen dollar, slaagde men er maar niet in om goud te vinden in het belangrijkste winningsgebied. De nood was aan de man. Er moest een oplossing komen anders zou het bedrijf failliet gaan. Op een congres hoorde Goldcorp’s CEO Rob McEwan over het bijzondere succes van het computerbesturingssyteem Linux. Duizenden vrijwilligers maakten in co-creatie Linux tot een geduchte concurrent van het centralistisch geleide Microsoft. McEwan had genoeg gehoord. Hij liet alle beschikbare data over de goudmijn op een speciale website zetten en startte onder de noemer “Goldcorp Challenge” een wedstrijd. Met een prijzengeld van $75.000 nodigde hij iedereen uit om hun beste oplossingen voor hoe het goud te vinden op te sturen. Het nieuws van de wedstrijd ging als een lopend vuurtje de wereld rond en binnen enkele weken kwamen er duizenden reacties binnen. In totaal werd er, als gevolg van alle collectief ingebrachte suggesties, 2700 kilo extra aan goud ontdekt in de mijn.
Met dit voorbeeld en een reeks aan andere toonden Tapscott en Williams aan hoe “mass collaboration” in hun visie zal gaan bijdragen aan een nieuwe belangrijke stap in de ontwikkeling van bedrijven en instellingen. Clay Shirky bouwt hier in zijn boek “Here comes everbody” op voort. Waar Tapscoot en Williams de lezer nagenoeg overweldigen met praktijkvoorbeelden, richt Shirky zich meer op de theoretische onderbouwing van de kracht van netwerken. Leidend in zijn gehele boek is de theorie van Robert Coase. Al in de jaren dertig van de vorige eeuw omschrijft Coase in zijn beroemde artikel ‘the nature of the firm’ het belang van bedrijven als organisatievorm. Kort gezegd stelt hij daarin dat een bedrijf succesvol is wanneer de kosten van haar activiteit, het aansturen van de medewerkers, lager zijn dan de potentiële winst uit die activiteit. Daaraan vooraf ging zijn inzicht dat medewerkers in principe het meest gunstig in een open markt rechtstreeks met elkaar konden handelen, hun arbeid en diensten aanbieden en die van anderen verkrijgen. Echter volgens Coase zou dit model uiteindelijk minder efficiënt werken dan de organisatie er van in de structuur van een bedrijf. De transactiekosten van een open markt zouden namelijk aanzienlijk hoger zijn door de inspanningen die gepaard zouden gaan met o.a. het steeds helder krijgen en navolgen van de gemaakte afspraken. Bedrijven verlagen deze transactiekosten omlaag door het instellen van een managementstructuur. Dit proces kan zolang doorgaan als dat de opbrengsten van het aannemen en managen van een nieuwe medewerker groter zijn dan de kosten van het management. Coase toonde aan dat er volgens deze theorie voor elk bedrijf een plafond is. Namelijk het moment waarbij nieuw aangenomen medewerkers meer kosten aan begeleiding dan dat ze het bedrijf opleveren.
Volgens Shirky staan we op de drempel om een ander tijdperk in te gaan, namelijk een tijd waarin het ‘plafond van Coase’ niet meer bestaat. Een situatie waarin de transactiekosten van een markt waarin medewerkers samenwerken dalen tot nul. Digitale netwerken stellen ons in staat om nagenoeg oneindig veel waarde toe te voegen met een minimale behoefte aan coördinatie in de vorm van een traditionele bedrijfs- en managementstructuur. Uit de voorbeelden die Shirky hierbij aandraagt, blijkt dat deze ontwikkeling zich vooral nog voordoet buiten bedrijven. Mensen delen en verrijken foto’s via Flickr tegen minimale transactie kosten. Belangengroeperingen vinden elkaar en organiseren zich met gebruik van Meetup. Video’s plaatsen, downloaden en beoordelingen ze via Youtube, etc. Volgens hem zijn zij de voorhoede van een beweging die ook het commerciële domein zal gaan beheersen en gedeeltelijk vernietigen.
Tot in detail beschrijft Shirky verder de verschillende werkingen van sociale netwerken. Over hoe ze vooral bestaan uit samenbundelingen van allerlei kleine netwerken. Over het belang van eerst publiceren en dan pas filteren. Over nieuwe vormen van collectieve sociale actie. Over hoe persoonlijke motivatie en gezamenlijke productie samenkomen. Of over het uiteen vallen van professionele categorieën en ga zo maar door.
Het is een verademing om een dergelijk, meesterlijk onderbouwd verhaal te lezen. Dat het hier en daar wat taai is, dienen we maar voor lief te nemen.
Share this Post[?]
        

Leave a Comment

Previous post:

Next post: